Introductie
Nederland heeft een kwalitatief goed onderwijssysteem en scoort op bepaalde leergebieden relatief hoog, maar er zijn zorgen over:
  • het beheersen van de basiskennis en basisvaardigheden voor taal en rekenen;
  • de aansluiting van het onderwijs tijdens de leerloopbaan van leerlingen en studenten;
  •  het beheersen van eerder verworven kennis en vaardigheden;
  • de prestaties van de betere leerlingen en studenten ten opzichte van hooggetalenteerden in andere landen (terwijl onze zwakke leerlingen en studenten nu juist beter presteren dan vergelijkbare leerlingen en studenten elders). 

De PISA-rapportage over 2009 heeft de al langer lopende discussie over de onderwijsprestaties aangewakkerd. Achtereenvolgende kabinetten hebben de laatste vijf jaar ingezet op het behoud en de uitbouw van de kwaliteit van ons onderwijs. Alle maatregelen centreren zich rond het invoeren van referentieniveaus taal en rekenen in de gehele onderwijskolom, van basisschool tot de entree in het hoger onderwijs: de zogeheten ‘doorlopende leerlijn’, met (eind)toetsen en examens.